Deel 23: Geboortebeperking kat

e meeste mensen die een jonge kat in huis nemen, hebben daar enorm veel plezier van. Soms staan ze er echter niet bij stil dat het leuke jonge diertje dat zij gekregen hebben al op een leeftijd van zes tot negen maanden geslachtsrijp is. Op deze leeftijd worden poezen voor de eerste keer 'krols' en gaan katers 'sproeien'. Poezen worden dan zeer aantrekkelijk voor katers die op het liefdespad zijn. Indien er geen maatregelen worden getroffen kunnen poezen al op jonge leeftijd moeder worden. Zelfs al is de ontmoeting met de kater zeer kortstondig geweest.

Voorkomen van krolsheid

Tijdens de krolsheid laten poezen een kater toe. De verschijnselen van krolsheid bij de poes zijn: over de grond liggen rollen, de poes is zeer aanhalig, ze ligt languit met het achterwerk omhoog, ze gaat zeer luidruchtig miauwen en zal proberen naar buiten te komen om achter de katers aan te gaan. Sommige poezen zullen echt alles in het werk stellen om te ontsnappen en laten zich zelfs door bijvoorbeeld een wc-raampje naar buiten vallen.
Krolsheid, en dus ook het krijgen van jongen, kunt u tijdelijk voorkomen door het geven van 'de pil'. Deze is verkrijgbaar bij de dierenarts en moet elke zeven dagen worden gegeven. Nadelen zijn het 'vergeten te geven' of het ongemerkt uitbraken van de pil, waardoor de poes toch onverwacht drachtig wordt. Voor langdurig gebruik als middel voor geboortebeperking is de pil minder geschikt omdat er ten gevolge van het gebruik ervan gezwellen (tumoren) in de melkklieren kunnen ontstaan. Ook neemt de kans op het optreden van een baarmoederontsteking sterk toe.
Gebruik de poezenpil nooit voor of tijdens de eerste krolsheid! Bij het eerder starten met de pil bestaat er een nog veel grotere kans op tumorvorming in de melkklieren.
In plaats van tabletten kan ook gebruikt worden gemaakt van "de prikpil". Dit is een injectie die om de drie a vier maanden gegeven wordt. Deze injectie kan de zelfde nadelige gevolgen hebben als "de pil". Daarbij loopt de poes ook nog het risico om suikerziekte te ontwikkelen.

Sterilisatie van de poes

Beter is het dan ook om de poes te laten steriliseren. Door een operatie onder narcose worden dan beide eierstokken (we moeten dus eigenlijk van een castratie spreken) en meestal ook de baarmoeder verwijderd, waardoor de poes niet alleen onvruchtbaar wordt, maar ook geen tekenen van krolsheid meer gaat vertonen. De meeste dierenartsen voeren de operatie uit via een kleine snede onder de navel. Sommige dierenartsen geven de voorkeur aan een klein sneetje in de flank van de poes. De operatie is een betrekkelijk kleine ingreep en de poes kan vaak dezelfde dag weer naar huis.
Poezen kunnen worden gecastreerd vanaf de leeftijd van ongeveer vier maanden. De meeste poezen worden echter gecastreerd als ze een half jaar tot negen maanden oud zijn. Heeft de poes een nestje gehad, dan kunnen zij al na tien tot veertien dagen weer krols worden. Het beste is dan de poes ca drie tot vier weken na het krijgen van de jongen te steriliseren. Dat het voor de poes beter zou zijn om eerst een nestje te krijgen is helaas een hardnekkig fabeltje. Gezien het grote aantal nestjes dat jaarlijks bij de dierenarts wordt gebracht om te laten inslapen is bovendien de kans dat u niet tijdig een nieuw tehuis voor de jongen kunt vinden niet onaanzienlijk, zeker tegen de vakantietijd..

Castratie van de kater

Katers worden geslachtsrijp als zij zes tot negen maanden oud zijn. Vanaf deze leeftijd krijgen zij vaak de neiging overal tegenaan te plassen (het zogenaamde sproeien). Dit doen ze om hun territorium af te bakenen en zodoende andere katers en vooral poezen van hun aanwezigheid op de hoogte te brengen. Het is dan ook volstrekt normaal en natuurlijk gedrag. Hun urine krijgt een doordringende 'katerlucht'. De kater is veel op pad en weinig huiselijk meer. Bij terugkomst zitten de katers regelmatig onder de krabben en abcessen tengevolge van hun luidruchtige nachtelijke gevechten. Tijdens hun soms meerdaagse zwerftochten steken de katers nogal eens drukke wegen over en wordt een groot aantal van hen aangereden. Het is dan ook niet zo verbazingwekkend dat katten die bij een dierenarts komen in verband met een aanrijding bijna altijd ongecastreerde katers zijn. Omdat ongecastreerde katers dus ook veel meer kontakten hebben met andere katten neemt ook de kans op het verkrijgen van besmettelijke ziekten toe. Om deze redenen worden de meeste katers gecastreerd. Katers kunnen gecastreerd worden vanaf drie tot vier maanden, maar in de praktijk gebeurt dat meestal pas als ze gaan sproeien en dat is zo rond de zes maanden. De kater blijft na een castratie veel huiselijker en gezonder.
De castratie van de kater is een kleine ingreep die onder volledige narcose wordt uitgevoerd. Over de balzak worden twee kleine sneetjes gemaakt, waardoor de balletjes naar buiten worden gehaald. De zaadstreng en de bloedvaten worden afgebonden en de zaadballen verwijderd. Ook katers herstellen zeer voorspoedig van de ingreep en kunnen dezelfde dag weer naar huis.

door Job van der Lek.

Previous page: Belevenissen | Next page: Deel 136: Punky: de kat met geluid uit zijn oor