Deel 3: Belevenissen in de kliniek 3

Na de zomer en herfst is nu de winter in aantocht. De mooie herfstkleuren zijn dit keer erg snel verdwenen door de overvloedige regen en de bijbehorende wind die rigoreus alle bladeren van de bomen heeft geblazen. De eerste sneeuw is alweer gevallen en veel mensen komen alleen buiten om boodschappen te doen of om de hond uit te laten.

In Dierenkliniek "Brouwhuis" gaan de werkzaamheden gewoon verder. In deze tijd wordt er ook veel tijd besteed aan het volgen van bijscholingen door alle dierenartsen en assistentes. Ook het inwerken van een nieuwe dierenarts (Maico) en de nieuwe assistentes Han en San, die allemaal heel enthousiast een nieuwe uitdaging aangaan, vergt de nodige aandacht. Teamwork is erg belangrijk in onze kliniek. Het op elkaar afstemmen van behandelingen en werkzaamheden zorgt ervoor dat alle cliënten en patiënten de zorg en behandeling krijgen waar ze recht op hebben.

Om 17.00 uur gaat iedereen naar huis om een hapje te eten. Alleen Kitty blijft nog een uurtje langer voor de telefoon en de apotheek. Daarnaast verricht ze dan nog karweitjes om ervoor te zorgen dat om 18.30 uur iedereen weer aan de slag kan. Een enkele keer komt er dan, zoals nu, ook nog een spoedgeval tussendoor.

Meneer O. belt dat zijn hond plotseling erg kreupel is tijdens het wandelen. Kitty kent hem wel, want hij komt samen met zijn Rotweiler Bob, een rustige reu van 10 jaar, al jarenlang in de kliniek. Hij vertelt dat hij Bob na zijn werk eventjes buiten liet om een plasje te doen. Zoals bij een reu gebruikelijk is gaat hij dan op een achterpoot staan en tilt de andere achterpoot op. Zo ging het ook deze keer, alleen gaf Bob toen plotseling een gil en zakte door zijn poten. Daarna kon hij niet meer op die achterpoot staan.

Kitty vindt dit een zorgelijk verhaal. Ze overlegt even telefonisch met dierenarts Hanneke en samen besluiten ze dat het beter is dat meneer O. maar direkt even naar de kliniek komt. Nadat dit met meneer O. is afgesproken zet Kitty, die inmiddels al aardig wat jaartjes meedraait in de kliniek, alvast uit voorzorg het ontwikkelapparaat van de röntgenfoto’s aan. Daar moet je anders een kwartiertje op wachten voor hij warm is. Het duurt maar enkele minuten en meneer O. komt al binnen, samen met Bob die op 3 poten loopt. Hanneke laat Bob ter begroeting even aan haar hand snuffelen. Dat is hondentaal voor "Hallo, welkom bij mij".

Bob kent Hanneke wel van eerdere keren. Vol vertrouwen laat hij zich dan ook door haar onderzoeken. Als ze echter aan zijn poot komt piept hij zachtjes. Vooral in de buurt van zijn heupgewricht doet het erg veel pijn. "Het lijkt mij beter om hier maar even een röntgenfoto van te maken" zegt Hanneke tegen meneer O. nadat ze vlug ook nog even naar Bob’s hart heeft geluisterd. "Daarvoor moet ik hem dan wel even iets geven om hem rustig te maken, anders is het onderzoek veel te pijnlijk. Ondanks zijn leeftijd van 10 jaar is zijn hart prima en hoeven we daar niet bang voor te zijn met een lichte sedatie. Hoe was hij de laatste tijd?" Meneer O. vertelt dat Bob de laatste tijd wel duidelijk een oudere hond begint te worden. "Hij rent niet meer en wil geen lange wandelingen meer maken", zegt hij. "Maar verder zijn er echter geen opvallende dingen."

"Dan zou ik eerst toch nog een bloedonderzoek willen adviseren gezien zijn leeftijd en dit laatste verhaal" zegt Hanneke. "Dat zou nl. ook kunnen duiden op bv een nier- of leverafwijking die vooral bij oudere honden kan vooromen. Dan kan het geven van een sedatie erg gevaarlijk zijn".
Meneer O. wil alleen maar het beste voor Bob, en dus wordt er vlug even wat bloed uit een voorpoot geprikt en onderzocht. Na enkele minuten is de uitslag er al. Dat blijkt allemaal in orde, en Bob krijgt nu zijn prikje.

Terwijl dit inwerkt maken Kitty en Hanneke samen de röntgenkamer in orde. De foto’s moeten van verschillende kanten gemaakt worden om een goede indruk te krijgen van hetgeen er aan de hand is. Geroutineerd werken ze alles af: instellen van het röntgenapparaat, klaarzetten van hulpmiddelen om Bob in positie te houden tijdens de opnamen, aantrekken van loodschorten en loodhandschoenen.

Meneer O. heeft ondertussen in de wachtkamer een kop koffie gekregen van Kitty. Bob slaapt inmiddels en nadat hij op de röntgentafel is gelegd worden de opnames gemaakt. Het ontwikkelen duurt maar 1 ½ minuut waarna de foto’s al beoordeeld kunnen worden. Het blijkt dat de heupkop van het dijbeen is afgebroken. Dit is normaal gesproken alleen mogelijk na een ongeluk omdat het zo’n dik bot is. Nu is er op de foto echter duidelijk sprake van een bottumor die het bot verzwakt heeft, en daarom is blijkbaar het gewicht van de hond al genoeg geweest om het bot te laten breken. Dit is voor iedereen een dramatische verrassing. Verslagen kijken Kitty en Hanneke elkaar aan. "Hier kunnen we echt niets meer aan doen..." zegt Hanneke. " Ik zal meneer O. maar eens gaan halen en hem de foto’s uitleggen. Nadat Hanneke meneer O. uitgebreid heeft uitgelegd wat er aan de hand is wordt het moeilijke besluit genomen om Bob niet meer wakker te laten worden...

Een goed lichamelijk onderzoek en een goede diagnostiek met de juiste apparatuur is vaak noodzakelijk om tot de juiste diagnose en prognose te komen. Andere mogelijkheden die Bob had kunnen hebben waren bv een knieprobleem, heupdysplasie, een heup uit de kom of een gewone fraktuur zonder een bottumor. In al deze gevallen was behandeling zinvol geweest en had meer of minder volledige genezing kunnen plaatsvinden.
Dankzij een goed onderzoek is Bob een langdurige, pijnlijke en zinloze behandeling bespaard gebleven.

Previous page: Belevenissen | Next page: Deel 136: Punky: de kat met geluid uit zijn oor