Deel 70: Weekenddienst

Het is vrijdag 14 januari 20:00 ´s avonds en mijn weekenddienst begint. Mijn 1e telefoontje krijg ik om 21:00. Het is een poesje, Lotje, die symptomen heeft van een beginnende niesziekte. Ik adviseer mevrouw om de volgende dag toch even Lotje na te laten kijken, tijdens het normale inloop spreekuur van onze dierenkliniek, want om erge schade ten gevolge van niesziekte te voorkomen moet men toch zo snel mogelijk deze ziekte behandelen.

De rest van de avond is het buiten twee telefoontjes redelijk rustig gebleven zodat ik met mijn vriendin, Emilieke, dierenarts in de buurt van Rotterdam, gezellig televisie heb kunnen kijken. Ik ben die avond maar vroeg naar bed gegaan want uit ervaring weet ik dat een weekenddienst niet niks is. Gelukkig heb ik dit weekend hulp van mijn vriendin.

Ik lig in diepe slaap als om 7:15 de telefoon gaat. Het is een hond die dringend hulp nodig heeft, dus kleed ik me aan en spoed me richting kliniek. Helaas heeft deze hond een ernstig hartprobleem en is in dit specifieke geval euthanasie het enige wat ik nog voor hem kan doen. Ik ben om 8:30 weer thuis en Emilieke heeft een heerlijk ontbijtje klaarstaan, fantastisch!

Om 10:00 begint het inloop spreekuur en daar is Lotje, het is een heel lief klein lapjes poesje, die inderdaad aan een beginnende niesziekte leidt. Verder heb ik o.a. nog een kat, Fiver, gehad met een vechtwond op zijn bil, een hondje met een nekhernia en nog een aantal controles. Om 12:30 ben ik klaar, maar op de terugweg naar huis gaat de telefoon over. Het is een hond, althans het baasje van die hond. De hond heeft een vervelende aandoening namelijk een ontsteking van één van zijn teelballen, hetgeen natuurlijk vrij pijnlijk is, maar na een lange antibioticum kuur te verhelpen zal zijn. Vanaf dat moment ben ik eigenlijk de hele middag op de kliniek gebleven, want ik kreeg het ene telefoontje na het andere. De één had een keel ontsteking, de ander een bekken fractuur. In de tussentijd heb ik wel snel even een patatje en een kroket kunnen eten in de plaatselijke snackbar, maar daarna kon ik gelijk weer naar de kliniek voor nog een cavia en een poes. Om 22:00 uur ben ik wel klaar en ik ben er ´s nachts niet uit hoeven te komen.

Zondag ochtend ben ik pas rond 10:00 uur gebeld, maar het bleef uiteraard niet bij één telefoontje, ook de zondag ben ik heel de dag bezig geweest: een oor ontsteking, een vergiftiging, een verstuikte pols, een gebroken poot, een melkklier tumor, braken etc. Maar de meest interessante patient van het weekend is Bengel, een lieve rood-witte kater, die al enkele dagen aan het braken is. Ik kijk Bengel na en voel een harde structuur in zijn buik. Ik stel voor om daar een röntgen foto van te maken.

Daarop zie ik iets rechthoekigs in de darmen zitten, wat zou het zijn? Indien het na laxeren nog steeds aanwezig is beslissen we om het chirurgisch te verwijderen.

Nadat ik snel in de McDonalds mijn 2e gezonde maaltijd van het weekend heb genuttigd komt er nog een hondje met heftige diarree en om 00:30 nog een cavia met een opgeblazen buik.

Het is maandag 8:30 mijn weekenddienst zit erop, maar moet nog werken tot 12:00. Mijn collega, Bruno, heeft die ochtend Bengel geopereerd en wat bleek: het was een geel oordopje!, dat de eigenaar welbekend voorkwam. Ik ben die middag om 13:00 lekker in mijn bedje gekropen en heb geslapen tot 18:00 en weer van 23:00 tot 7:30, zodat ik dinsdag weer fit ben en alle dieren weer van de nodige hulp kan voorzien. 's Avonds bij de televisie zag ik het sterspotje van Tempo-team: "Best druk in je ééntje" en....... herkende mezelf in de woorden.

Tot ziens in Dierenkliniek Brouwhuis, Matthijs Nipius

Previous page: Belevenissen | Next page: Deel 136: Punky: de kat met geluid uit zijn oor