Exocriene Pancreas Insufficiëntie

De alvleesklier (pancreas) is een grote klier die zich in de buikholte bevind als een lus om de twaalf-vingerige darm (duodenum). Het is samengesteld uit een deel dat enzymen uitscheidt in de darm (exocrien) en een deel dat enzymen uitscheidt in het bloed (endocrien). Het exocriene deel van de klier produceert enzymen die betrokken zijn in de vertering van koolhydraten, eiwitten en vet. Natrium bicarbonaat wordt ook geproduceerd. Dit bindt met de enzymen en vormen zo een pancreas sap. Dit vloeit vanuit de cellen in de afvoergangen van de klier. Deze afvoergangen vloeien uiteindelijk samen en monden uit in het duodenum net naast de galgang die vanuit de lever komt. Het endocriene deel van de klier, die de zogenaamde eilandjes van Langerhans bezitten, produceren ook hormonen zoals insuline. Deze hormonen worden verspreid via de bloedstroom naar de weefsels en verzorgen daar de regulatie van de energieniveau's in het lichaam, vooral die van suiker.

Wat is exocriene pancreas insufficientie?
Exocriene pancreas insufficiëntie leidt tot een reductie in pancreas enzymen wat resulteert in een verteringsprobleem van voedsel met als gevolg dat ze ondervoed raken. De honden hebben over het algemeen een vraatzuchtige eetlust, maar hebben een ondervoedde indruk, zijn dun of uitgemergeld. Er wordt vaak en veel zachte ontlasting geproduceerd. Deze zijn vaak vet van natuur te wijten aan het gebrek van vertering. Het gaat vaak gepaard met gasvorming en darmgeluiden en sommige honden eten vaak hun eigen ontlasting op. Een theorie bestaat dat de enzymen onveranderd in de ontlasting komen en zo recycled worden. De aandoening komt over het algemeen meer voor bij Duitse Herders maar kan ook gezien worden bij andere rassen.

Diagnose
Vaak zal een ontlastingsmonster al een indicatie geven, maar een definitieve diagnose kan worden gesteld met behulp van een bloedonderzoek. Daarbij wordt gekeken naar enzymen die door de alvleesklier worden aangemaakt. Bij een hond met exocriene pancreas insufficiëntie zijn deze enzymen sterk verlaagd.

Behandeling
Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Via de voeding gaan we extra verteringsenzymen bijgeven. De behandeling is levenslang.
  • Als voeding gaan we een goed verteerbare voeding geven zoals Hill's I/D. Deze voeding heeft een laag vet en vezelgehalte.
  • Veel EPI patiënten hebben ook last van bacteriële overgroei in de dunne darm waardoor er vitamine B12 defficiëntie kan ontstaan, omdat de bacteriën dit opnemen in de dunne darm. Daarom wordt er een antibiotica therapie gegeven om de bacteriële overgroei te behandelen en een vitamine B12 supplement om de vitamine B12 defficiëntie tegen te gaan.