Kunstmatige Inseminatie

Er zijn situaties waarbij een normale dekking niet tot stand kan komen. Dan is kunstmatige inseminatie (KI) de aangewezen weg om alsnog een nest proberen te krijgen (hoewel sommige rasverenigingen tegenstander zijn om specifieke redenen).

Willen we een KI doen dan moet dat op een verantwoorde manier gebeuren. Ten eerste is het noodzakelijk om het ideale tijdstip voor dekking te bepalen met een Progesteronbepaling. Ten tweede moet de reu sperma van goede kwaliteit hebben. Deze controles worden voorafgaand aan de kunstmatige inseminatie uitgevoerd.

Werkwijze
Het zaad wordt manueel afgenomen bij de reu en wordt onderzocht op hoeveelheid, concentratie, beweeglijkheid, morfologie en kleur. Na controle wordt het zaad bij de teef, tot net voor de baarmoederhals, ingebracht met een steriele pipet. Na het inbrengen is het verstandig om de teef 10 minuten te laten lopen zodat ze niet kan gaat zitten. Zo hebben de zaadcellen de mogelijkheid om in de baarmoeder te komen. Inseminatie van geïmporteerd sperma is ook mogelijk, mits het sperma op de juiste manier behandeld wordt. De resultaten van diepvries sperma zijn echter een stuk minder goed.

Vorige pagina: Dermatologie | Volgende pagina: Laboratorium Onderzoek