(Gas)Narcose

Narcose vraagt om een individuele benadering. Geen dier is hetzelfde. Dierenkliniek "Brouwhuis" heeft verschillende mogelijkheden om uw dier zo veilig mogelijk onder narcose te brengen:

Reden van narcose
Voor veel ingrepen is het noodzakelijk dat de patiënt een aantal reacties níet heeft die hij onder normale omstandigheden wél zou hebben. Bij een operatie willen we onder andere graag het volgende bereiken:

  • Bewegingloosheid
  • Pijngevoel uitgeschakelen
  • Geheugen uitgeschakelen
  • Ontspanning

De narcosemiddelen dienen andere lichaamsfuncties te worden ontzien, zoals de ademhaling, de hartslag, doorbloeding van organen en temperatuurregulatie. Er dient geen schade aan de organen te worden toegebracht en we zouden ook graag willen dat de patiënt na de operatie zo snel mogelijk weer wakker is.

Eigenschappen van een narcosemiddel
Er bestaat geen narcosemiddel dat alléén goede eigenschappen heeft en geen enkele slechte. Dit is onder meer de reden dat er vaak gebruik wordt gemaakt van een combinatie van narcosemiddelen. Met een combinatie gebruik je vooral de goede eigenschappen en beperk je de slechte eigenschappen. Bovendien kun je dan van beide middelen minder gebruiken.

De premedicatie
De premedicatie is een middel dan voorafgaand aan de onderhoudsnarcose wordt toegediend. Het dier wordt na deze "prik" suf maar is meestal niet in slaap. Door deze injectie worden een aantal belangrijke levensfuncties stabieler gemaakt. Zo gaat het hart bijvoorbeeld krachtiger kloppen en zal de bloeddruk beter op peil blijven.

De meest gebruikelijke toediening is via een injectie. De injectie kan gegeven worden in de spier (I.M) of rechtstreeks in een bloedvat (I.V.). In dit laatste geval wordt er een naald in een ader aangelegd waarop een infuus wordt aangesloten. Via dit infuus kan dan het narcosemiddel worden toegediend.

Gasnarcose
Om een narcose te onderhouden gebruiken we in Dierenkliniek "Brouwhuis" gasnarcose. De gasnarcose wordt toegediend via een speciaal gasnarcose-apparaat. In dit apparaat vindt verdamping plaats van een vloeibaar narcosemiddel. Dit middel wordt vermengd met zuurstof. De hoeveelheid toegediende narcose is op deze manier regelbaar tijdens de narcose. Via een slang wordt het mengsel naar een tube (rubberen slang in de luchtpijp) geleid. Tijdens de inademing komt het narcosemiddel via de longen in het dier terecht.

Door verbranding van zuurstof in het lichaam vindt de vorming van CO2, kooldioxide, plaats. Dit afvalproduct verlaat het lichaam via de longen. De uitademingslucht bevat dus veel CO2. Doordat een anaesthesieapparaat kleppen heeft wordt de uitademingslucht via een andere slang afgevoerd. In het anaesthesieapparaat wordt deze CO2 uitgefilterd en komt de gezuiverde lucht in een rubberen ballon terecht die als reservoir dient. Er wordt opnieuw zuurstof en een hoeveelheid narcosemiddel aan toegevoegd. Vervolgens kan het mengsel weer ingeademd worden.

In Dierenkliniek "Brouwhuis" gebruiken we een gesloten inhalatieanaesthesie met het zeer veilige isofluraan.

Beademing
Met het gesloten systeem is het mogelijk om een dier indien nodig te beademen. Door op de ballon te drukken komt het gasmengsel in de longen van de patiënt (inademen). Als de druk op de ballon verminderd wordt het gasmengsel uitgeademd. Op deze manier kan het ademen van een patiënt volledig worden overgenomen door het anaeasthesieapparaat.

De bewaking
Een narcose is niet altijd zo eenvoudig als het lijkt. Er moeten veel zaken in de gaten gehouden worden. Om de narcose zo goed mogelijk te sturen maken we gebruik van bewakingsapparatuur die de functies van het dier controleren. Aan de hand van deze metingen kunnen we de narcosediepte bepalen, vervolgen en aanpassen.

Het beëindigen van de narcose
Narcosemiddelen worden door het lichaam afgebroken en/of uitgescheiden. Wanneer de operatie ten einde is moet een dier wakker worden. Dit gebeurt alleen als het narcosemiddel verdwenen is uit het lichaam. Het narcosemiddel kan het lichaam op verschillende manieren weer verlaten. Dit kan door:

  • Afbraak: in organen zoals de lever
  • Uitscheiding: naar urine door de nier
  • Uitademing: via de longen bij een gasnarcose
  • Antagoneren: opheffen van de werking door een anti-middel

Het voordeel van gasnarcose is dat met iedere ademhaling het narcosemiddel uit het lichaam verdwijnt. Hierdoor vindt een snel herstel plaats.

Vorige pagina: Scopie | Volgende pagina: Narcosebewaking