Nierfalen

Chronische nierinsufficiëntie (CNI) komt veel voor bij oudere honden. Vroege diagnose is erg belangrijk voor de behandelingsstrategie. Zowel symptomatische als specifieke therapieën zijn noodzakelijk. Een speciaal dieet is dikwijls wenselijk. De prognose voor een hond met CNI is altijd ongunstig, maar wanneer er vroegtijdig ingegrepen wordt is het mogelijk om de patiënt geruime tijd in een bevredigende klinische toestand te houden. Aangezien de nier een grote functionele reservecapaciteit bezit, wordt nierinsufficiëntie pas duidelijk in een later stadium. Daarom raden wij in dierenkliniek Brouwhuis aan om honden vanaf een leeftijd van zeven jaar een bloedonderzoek te laten doen. Vroegtijdige diagnose verhoogt de behandelingsmogelijkheden sterk. Chronische nierinsufficiëntie is in tegenstelling tot acute nierinsufficiëntie een irreversibele ziekte waarbij het verlies aan nierfunctie, progressief verloopt. De meeste honden sterven uiteindelijk ten gevolge van uremie.

Functie van de nieren
Er zijn twee nieren die via de twee urineleiders (ureters) de urine naar de blaas brengen, vanuit de blaas vertrekt de urethra die doorheen de penis loopt. Het bloed die toekomt in de nier via de hoofdcirculatie wordt gefilterd. In de nieren worden de afvalstoffen (ureum, creatinine, eiwitten) uit het bloed gehaald. Via een buizensysteem komt de urine in de verzamelbuizen en gaat zo via de ureters naar de blaas.

Symptomen
De symptomen beginnen meestal heel geleidelijk met wat meer drinken dan normaal en het haarkleed die niet meer zo mooi blinkt. In een later stadium begint de hond echt meer te drinken (polydypsie) en te plassen (polyurie) dan normaal. De hond begint zijn gewicht te verliezen en in een later stadium krijgt hij last van braken en diarree. In een terminaal stadium gaat de hond geen urine meer produceren en gaat sterven door een ureum vergiftiging.

Diagnose

De diagnose van nierinsufficientie is gemakkelijk te stellen. Een bloedonderzoek en een urineonderzoek geven ons uiteindelijk bevestiging:

  • Urineonderzoek: Bij een urineonderzoek gaan we vooral naar de dichtheid van de urine kijken. Een gezonde hond kan gemakkelijk urine produceren met een dichtheid die hoger is dan 1.020 (dichtheid van water is 1.000). als de dichtheid van urine daalt dan wilt dit zeggen dat de nieren een onvermogen hebben om te concentreren.
  • Bloedonderzoek: Gestegen Creatinine in het bloed is heel indicatief voor de filtratie capaciteit van de nieren. Ureum is een tweede parameter die een aanduiding kan geven dat we met een nierprobleem hebben te doen. Als deze ook gestegen is dan hebben we te doen met nierinsufficientie.

De diagnose is natuurlijk belangrijk maar de preventie is nog belangrijker. Ieder jaar een bloed en urine onderzoek bij honden die ouder zijn dan 7 jaar is zeker geen overbodige luxe. Dit zit bij Dierenkliniek Brouwhuis allemaal in de "senioren check-up".

Behandeling
Eens de diagnose van chronische nierinsufficientie gesteld moeten we ons erbij neerleggen dat het om een progressieve ziekte gaat. De snelheid van de progressie kunnen we echter wel beïnvloeden. Bij de nierpatiënt worden onder andere de volgende behandelingen ingesteld:

  • Opname: We geven de hond eventueel vloeistof therapie, speciale voeding en medicatie. Dit doen we om de concentratie aan creatinine en ureum te laten dalen. Wanneer we deze twee parameters op een acceptabel niveau krijgen mag de hond naar huis met een aantal dieet- en medicatiemaatregelen.
  • Medicatie: Om de doorbloeding van de nieren te verbeteren geven we vaatverwijdende middelen. Deze hebben ook het voordeel dat ze vochtafdrijvend zijn.
  • Voeding: De bedoeling van een aangepaste voeding is er uiteraard voor te zorgen dat het ureum en creatinine zakt in de bloedbaan. Daarom moet de concentratie aan eiwit, fosfor en natrium aangepast zijn, bijvoorbeeld Hill's K/D.
  • Fosfaatbinders: Om de fosfaatbelasting van de nieren te beperken kunnen medicijnen worden ingezet die de opname van fosfaat via de voeding beperken.

Preventie
Zoals eerder al vermeld is een bloed- en urine-onderzoek vanaf een leeftijd van zeven jaar geen overbodige luxe . Een aangepast seniorendieet vanaf zeven jaar is zeker aan te raden. De hoeveelheid eiwit die een senior dier nodig heeft is lager dan bij een volwassen dier. De voeding die wij aanraden is Hill's Senior, die dan ook een lager eiwitgehalte bevat dan normaal. De belasting van de nieren met de afvalstoffen uit de eiwithuishouding wordt beperkt.